Archief | Schrijfwedstrijd RSS feed for this section

En de hoofdprijs is gewonnen door Eddy Bal – Eben Haezerschool

20 jun

WEDSTRIJDJE

Na een paar laatste, krachtige armslagen raakt Simon met zijn vingertoppen de rand van het bassin van het openluchtzwembad. Blindelings tikt hij zich af. Vlak daarna komt hij proestend boven het water en hapt naar lucht. Zijn beide handen grijpen de rand van het grote bad vast. Terwijl hij bijkomt van de geleverde inspanning, werpt hij een blik opzij. Dan kijkt hij in het lachende gezicht van Annika.

“Ik heb gewonnen!” zegt Annika triomfantelijk. “Had je niet gedacht, hè?”

Het kost Simon moeite om zijn teleurstelling te verbergen. Onvoldaan kijkt hij snel een andere kant op. Aan deze wedstrijd had hij dus nooit moeten beginnen, realiseert hij zich direct.

Annika, die Simons frustratie opmerkt, gooit er nog een schepje bovenop: “Toen jij nog maar bij het midden van het zwembad was, tikte ik me al af. Je was, zal ik maar zeggen, kansloos…”

Het laatste woord voelt bij Simon als een klap in zijn gezicht. Hij bijt op zijn lip en trekt een zuur gezicht. Dan komen de frustraties eruit. “Aaarg! Waardeloos! Verloren!” Om zijn woorden kracht bij te zetten, slaat Simon met zijn hand op het kabbelende water. De spetters vliegen in het rond.

Annika zet zich af van de kant af en zwemt in een bochtje om Simon heen. Een diepe zucht ontsnapt uit Simons longen. Hij kan niets anders dan zich gewonnen geven.

“Kom je mee?” vraagt Annika. “Dan gaan we gaan naar onze handdoeken.” Rustig zwemt Annika door naar het trapje, wat zich aan de zijkant van het zwembad bevindt. Behendig klimt ze omhoog. Een slank figuurtje in een rood badpak komt uit het water tevoorschijn.

Hoe is het mogelijk dat ik van zo’n dun meisje kan verliezen, denkt Simon. Ik ben helemaal kapot van honderd meter voluit zwemmen en haar kost het schijnbaar helemaal geen moeite.

Annika loopt langs de kant naar Simon toe en steekt haar hand uit. Enkele glinsterende waterdruppels glijden langzaam langs Annika’s donkerbruine haartoppen naar beneden en vallen op Simons hoofd.   

Simon ziet het vragende gezicht van Annika. Zijn blik gaat vanzelf naar haar twee helderblauwe ogen. Het valt hem op dat ze net zo glinsteren als de waterdruppels, die nog steeds naar beneden vallen. Eén waterdruppel komt recht in zijn ogen. Auw! Simon knippert een paar keer om het beeld, dat plots vervaagd is, weer scherp te stellen. De mistige lijnen langs haar hoofd vervormen gelukkig snel weer tot scherpe randen. En dan, al is het maar even, ziet Simon een verwarde blik in Annika’s ogen. Zou ze hem dan misschien toch…?

“Nou, komt er nog wat van?” Annika steekt haar uitgestoken hand wat verder naar hem toe.

Simon schudt licht zijn hoofd. Welnee, het is vast verbeelding… Was het maar waar.

Simon kijkt naar Annika’s open hand en steekt dan de zijne uit. Een tinteling schiet door zijn lichaam als de vingers van Annika zijn hand omklemmen. Een vreemd gevoel. Net zoiets als het aanraken van prikkeldraad… Maar dit voelt fijner.

Dan trekt Annika Simon langs de rand van het zwembad uit het water. Het liefst zou hij haar hand voor altijd vasthouden. Het liefst zou hij hand in hand naar hun badhanddoeken lopen en al die jaloerse blikken van zijn klasgenoten willen zien. En dan tegen zijn klasgenoten zeggen…

“Simon?”

Simon schrikt op en ziet hoe Annika naar haar hand kijkt, die nog altijd door hem wordt vastgehouden.

“Je mag wel loslaten, hoor!”

“O, sorry…” mompelt Simon onhandig. Snel trekt hij zijn hand van haar weg.

Annika kijkt wat verlegen, maar herstelt zich snel. Een geheimzinnig lachje siert haar mond. Uitdagend klinkt het: “Kijk, als je nou mijn vriendje was, dan…”

Simon kijkt haar verrast aan. Hij kan eigenlijk wel raden wat ze wil gaan zeggen, maar kan niet nalaten hierop te reageren. Zo nonchalant mogelijk vraagt hij: “Nou? Wat dan…?”

Maar Annika maakt, tot ergernis van Simon, haar zin niet af, want er klinkt een bekend gekraak. Luid schalt er uit de luidsprekers van openluchtzwembad ‘Het Keerpunt’ een heldere stem: “Willen alle leerlingen van de Koningin Wilhelminaschool zich zo spoedig mogelijk naar de uitgang begeven? Jullie meester wacht daar op jullie. Ik herhaal…”

Annika draait zich om en loopt snel in de richting van het grasveldje, waar haar handdoek ligt. Simon kijkt haar na. Maar na twintig passen staat ze ineens stil. Ze draait haar hoofd om en roept guitig: “Simon, zin in een wedstrijdje? Wie het eerst bij zijn handdoek is…”

Deze uitdaging gaat Simon maar al te graag aan. Annika mag dan wel een aardige voorsprong hebben, maar hij is de snelste van de klas. Binnen één tel zet hij de achtervolging in. Razendsnel schiet hij langs allerlei badgasten, die de twee verstoord nakijken.

Als Simon het gras bereikt, heeft hij nog maar tien meter achterstand. Het rode badpak van Annika werkt als de rode lap bij een stier in gevecht met de Torero. Als een dolleman nadert hij haar. Als hij vlak achter haar is, ziet hij in een flits dat hun handdoeken al redelijk dichtbij zijn.

De meeste klasgenoten zitten op hun handdoeken en zien hoe Simon en Annika in een tweestrijd verwikkeld zijn. Ze stoten elkaar aan en wijzen in hun richting.

Deze wedstrijd wil ik zeker niet verliezen, denkt Simon. Simon zet nog even aan. Met nog vijfentwintig meter te gaan, liggen ze zij aan zij. De vermoeidheid van de zwemwedstrijd begint nu toch toe te slaan. Simons benen beginnen te verzuren. Annika wint gelijk wat terrein.

De klasgenoten zijn ondertussen gaan staan en kijken vol verwachting wie de hardloopwedstrijd gaat winnen. Is het Annika of toch Simon? Er klinken hier en daar enkele aanmoedigingen.

Simon bijt op zijn tanden. Zal hij twee keer verliezen op één dag? En dan nog wel van hetzelfde meisje? Dat mag hem niet overkomen. Met een laatste krachtinspanning passeert hij haar. Bliksemsnel steekt hij zijn hand uit en raakt als eerste de handdoek aan. Eén tel later doet Annika hetzelfde.

De klasgenoten geven een luid applaus en Simon steekt stoer zijn hand ophoog.

“Eén-nul voor Simon!” wordter geroepen.

Trots kijkt Simon in het rond. Zichtbaar opgelucht van de winst neemt hij het applaus in ontvangst. Enkele klasgenoten drommen om hem heen en geven hem een schouderklop. Maar dan kijkt Simon naar Annika, die inmiddels op haar handdoek is gaan zitten. Een donkere blik ontsiert haar gelaat.

“Nee, wacht eens even…,”  hijgt Simon. “Het is niet één-nul… Het is één-één.” Annika donkere blik verandert als sneeuw voor de zon in een dankbare.

Vragende blikken zorgen ervoor dat Annika de gelijke stand moet verklaren. “Nou, ik heb net een zwemwedstrijd gewonnen…,” klinkt het opgetogen. “En Simon zojuist de hardloopwedstrijd… Het is dus eigenlijk gelijkspel!”

Simon knikt heftig. En dan krijgt Annika ook een applausje. Een wel zo verdiend applaus, vindt Simon, die voor zijn doen wel heel hard meeklapt. 

Eenmaal buiten het zwembad hoort de meester van de wedstrijden, die in het zwembad ‘Het Keerpunt’ zijn gehouden.

“Goed geoefend, jongelui! Dat betekent veel goeds voor de triatlon, die we volgende week hebben.” Ondertussen steekt de meester zijn duim in de lucht. Dan kijkt hij naar Simon en Annika. “Ik ben heel benieuwd wie er dit jaar gaat winnen. Zo te horen gaat het tussen jullie, Simon en Annika…”

Simon lacht schamper. Hij voelt de spanning opkomen. Elk jaar wordt er namelijk voor groep 8 een triatlon georganiseerd. De winnaar krijgt de wisselbeker van de oud-groep 8-er, die de bokaal het afgelopen jaar won. De leerlingen van de Koningin Wilhelminaschool dromen er allemaal van om de triatlon in groep 8 te winnen. Wat zou hij graag die wisselbeker in handen krijgen! Hardlopen en fietsen behoren tot zijn sterke punten, maar zijn zwemkunsten zijn helaas niet heel erg goed.

Simon hoort hoe de meester de toespraak beëindigt: “Dus oefen nog maar goed deze week. En nu allemaal opschieten. Het is al laat. Zoek je fiets snel op en ga in tweetallen achter mij staan.” 

Simon loopt naar zijn fiets en merkt dat Annika’s fiets naast die van hem staat. Zou dat toeval zijn? Of…

“Nee toch…,” klinkt een bekende stem naast Simon. Annika zit op haar hurken en doorzoekt haar rugzak, die geopend voor haar op de grond staat.

“Ben je wat vergeten?” vraagt Simon, die maar al te graag een gesprekje met Annika aanknoopt.

“Nee, ik ben niets vergeten. Ik kan mijn fietssleutel niet vinden. Hij zit niet in mijn jaszak en ook niet in mijn rugzak.” Sip kijkt Annika voor zich uit.

“Waar heb je de sleutel voor het laatst gezien?” helpt Simon.

Annika fronst haar wenkbrauwen. Ze denkt even na en zegt dan geschokt: “O nee! Volgens mij heb ik mijn sleutel in het kleedhokje op het bankje neergelegd.”

De meester komt met grote stappen aanlopen. Geërgerd zegt hij: “Jongelui, opschieten. Iedereen staat al in de rij, maar jullie staan hier gezellig te praten alsof jullie alle tijd van de wereld hebben.”

Annika schudt heftig haar hoofd. “Dat doen we niet, meester! Sorry, maar ik heb mijn sleutel in het kleedhokje laten liggen. Mag ik…”

De meester laat Annika niet eens uitspreken. “Goed, ga snel zoeken. Ik wacht één minuut en dan vertrek ik!”

Annika spurt weg en laat Simon en de meester achter.

Wat de meester zegt, doet hij ook echt. Daar weet Simon alles van. De meester draait zijn hoofd naar Simon en kan niets mooiers zeggen dan: “Simon, ga jij Annika maar even helpen.”

Zielsblij rent Simon Annika achterna. Annika trekt de deur van het kleedhokje open en kijkt zoekend naar binnen. “Dit was mijn kleedhokje. Maar ik zie geen sleutel.”

Van Simon mag die sleutel voorlopig wel wegblijven, maar toch wil hij Annika wel helpen. Hij bukt zich en bekijkt de grond nauwkeurig. “Misschien ligt de sleutel toch op het grasveld, waar de handdoeken lagen?”

Annika twijfelt geen seconde. “Nee, ik had de sleutel hier het laatst in mijn bezit. Misschien heeft iemand anders zich hier omgekleed, de sleutel gevonden en toen naar de gevonden voorwerpen gebracht. Dan ligt de sleutel waarschijnlijk daar.”

Simon knikt. “Dan weet ik wel waar we moeten zijn. Kom op, richting de kassa’s!” 

Simon slentert achter Annika aan. Voorbij de kassa staat een houten keetje, waarvan de deur wijd openstaat. Er hangt een bordje aan de buitenkant waar ‘gevonden voorwerpen’ op staat. Voor de keet zit een dikke man met een stevig postuur in een tuinstoel. Hij draagt een vrolijk T-shirt met bloemmotieven. Op zijn kale hoofd heeft hij een baseballpetje gezet. Simon schat hem een jaar of vijftig. Zijn ongeschoren gezicht geeft hem een onguur uiterlijk. Hij geeft een klein knikje, waarmee hij waarschijnlijk bedoelt dat ze iets mogen zeggen.

“Ik ben mijn sleutel verloren. Is deze gevonden, meneer?” vraagt Annika beleefd.

Simon strekt zijn hals en loert langs de man naar binnen. Hij ziet op de tafel enkele voorwerpen liggen. Eén ervan is een sleutel met een rood labeltje. De man komt ineens gehaast uit zijn stoel en gaat voor de deuropening staan, zodat Simon niet meer in de keet kan loeren.

“Ik zal eens even kijken,” mompelt de man. Hij stapt de keet binnen en rommelt wat in een la.

Dan gaat er een telefoon over. De man grijpt naar zijn borstzakje en haalt er een telefoontje uit. Hij drukt een groen knopje in en houdt het apparaat tegen zijn oor. Na een paar seconden luisteren, hangt de man zonder één woord te zeggen weer op. Dan sloft hij naar de deuropening.

“Ik zoek zo verder. Blijf even wachten,” zegt de man kortaf. Hij verlaat de keet, sluit de deur achter zich en loopt weg.

“Maar ik heb geen uren de…,” begint Annika haar zin, die ze besluit niet af te maken, omdat de man doorloopt zonder naar haar te luisteren. Simon en Annika zien hoe de man om de hoek verdwijnt.

Boos gooit Annika haar rugzak op de grond. “Da’s dan lekker! Zonder sleutel kan ik geen meter rijden!”

Ze wijst naar de kant van de weg. “Kijk, de klas rijdt al weg. Je kan nu nog mee, Simon. Dan kom ik wel later. Desnoods loop ik wel naar school.”

Dit voelt als een soort test, denkt Simon. Als ik nu met de klas meega, dan laat ik haar in de steek. Blijf ik bij haar, dan snapt ze gelijk dat ik er voor haar wil zijn. Snel heeft Simon zijn keus gemaakt. “Nee. Ik blijf bij je tot we die sleutel gevonden hebben.”

Annika’s ogen kijken Simon zo blij aan, dat Simon bijna begint te geloven dat Annika dit ook liever wil. Maar ook nu zal hij het zich wel verbeelden. 

Vijf minuten staan ze nu al te wachten. In geen velden of wegen is de man te bekennen. Nadat Simon gezegd heeft dat hij bij haar blijft, is het gesprek min of meer verstomt. Beiden weten niet zoveel te zeggen.

Annika pakt haar tas van de grond en zwaait hem over haar schouder. Het valt Simon op dat haar tas ook rood is. Ongeveer dezelfde kleur als haar badpak. Zou het haar favoriete kleur zijn?

“Zeg, heeft jouw sleutel een rood labeltje?” begint Simon.

Annika kijkt verrast. “Hoe weet jij dat?” 

“Ik zag daarnet zo’n sleutel op het tafeltje hier binnen liggen.” Simon wijst naar de keet.

 “Echt? Dat moet hem zijn!” reageert Annika enthousiast. “Nu maar hopen dat de man snel terug komt.”

Simon wil eigenlijk zijn hoofd schudden en zeggen dat hij hier wel voor altijd met haar wil staan. Maar dat durft hij niet.

“Ja, inderdaad…,” liegt hij.

Dan blijft het weer stil. 

Ineens komt er een vraag bij Simon naar boven, die hij graag aan Annika zou willen stellen. Hij zou wel eens willen weten waarom ze tien weken voor het einde van het schooljaar plotseling naar hun school is gekomen. Wat is de reden? Vindt ze dat wel leuk? Dat lijkt hem echt geen pretje. Zeker niet als het om groep 8 gaat. Als dit schooljaar is afgelopen, moet ze alweer naar een andere  school.

Sommige groepsgenootjes vonden de komst van Annika een inbreuk op de groepssfeer. De meisjes laten Annika links liggen, maar van de jongens krijgt ze behoorlijk wat aandacht. Simon snapt wel waarom.

De meester had er niet veel over gezegd. “Doordat ze is verhuisd, moest ze een andere school zoeken.” Dat was het enige. De reden van de verhuizing is op school waarschijnlijk bij niemand bekend, behalve bij de meester. En Annika zelf natuurlijk. 

Annika staat ongeduldig en gefrustreerd naar de plek te kijken waar de man het laatst verdween. Simon doorbreekt de stilte opnieuw.

“Zeg, hoe komt het eigenlijk dat jij zo hard kan zwemmen?”

Annika blijft stug naar de plek staren, waar ze al die tijd naar kijkt. Achteloos zegt ze: “O, ik heb op zwemmen gezeten.”

Het klinkt alsof ze niet meer wil zeggen. Maar Simon vraagt verder:

“Heb jij wedstrijden gezwommen?”

Annika glimlacht even. Dan opent ze haar mond. Simon is heel benieuwd wat ze gaat zeggen. Maar in plaats van een antwoord komt er een vraag. “Durf jij naar binnen te gaan?”

“In de keet bedoel je?”

Annika knikt en verduidelijkt: “Om de sleutel te halen.”

Simon twijfelt even. Het is niet netjes om zonder toestemming zomaar ergens naar binnen te gaan. Maar een stukje lef naar Annika toe tonen…

“Ik zal het proberen,” zegt Simon stoer. “Kijk jij of die man eraan komt?”

Simon vertrouwt op Annika’s oplettendheid en doet de klink naar beneden. De deur is niet op slot. Voorzichtig opent Simon de deur van de keet en kijkt naar binnen. Op de tafel liggen enkele sleutels. Eén ervan is de sleutel met het rode labeltje. De sleutel van Annika. Die moet hij hebben. Simon grist hem van de tafel en wil de keet zo snel mogelijk verlaten. Dan ineens ziet hij een beeldscherm, waarop vier videobeelden te zien zijn. Op één ervan ziet hij de keet. Annika staat ervoor te wachten. Ha, wat grappig! Snel pakt hij zijn mobieltje en neemt er een foto van. De opname zal hij thuis nog eens beter bekijken.

Snel stapt Simon de keet uit. Triomfantelijk houdt hij de sleutel in de lucht. “Tadaa! Daar ben ik weer! Met…”

Annika springt in de lucht en graait de sleutel uit zijn hand. Kort bekijkt ze het labeltje. “Ja, dat is h’m!” zegt ze opgelucht. “Dank je wel, Simon.” 

Even later rijden ze samen naar school. Annika zet er flink de vaart in.

Ze kan goed zwemmen en hard rennen, denkt Simon. En fietsen kan ze ook al goed. Ze zal toch niet de triatlon gaan winnen volgende week?

Annika lijkt Simons gedachten te kunnen lezen. “Wedstrijdje?” zegt ze weer even guitig als in het zwembad. Ze trapt wat harder op haar pedalen en schiet vooruit.

Simon houdt afwerend zijn hand omhoog. “Nee, deze keer maar even niet. Ik wil mijn krachten sparen voor volgende week. Ik zal ze hard nodig hebben.”

Annika moet erom lachen. “Prima!” zegt ze vrolijk. Ze remt en komt weer naast Simon fietsen. Ze kijkt opzij en zegt: “Dan zien we volgende week wel wie de snelste op de triatlon is, hè?”

 

Het verhaal van Julia – winnaar groep 8 – Bohemen Kijkduinschool

20 jun

Ik ben gewoon Bo 

Bo schrikt wakker. Ze ziet de wachtruimte met alle andere mensen. ´Waarom doe ik dit?´ Denkt ze de hele tijd. ´Dit is toch niets voor mij?!´  Na een tijdje wordt ze geroepen. Achter een man aan loopt ze door de hallen. Overal hangen grote posters. ´Wat denk je wel?´ zegt een stem in haar hoofd. ´Auditie doen bij The voice of Holland, daar ben jij veel te slecht voor!´ Ze ziet een kandidaat huilend het podium afkomen. De volgende klimt er dapper op. Ze probeert te ontspannen. Voor ze het weet stopt de muziek. De jongen die voor haar was komt met luid gejuich het podium af. Ze voelt een duwtje tegen haar rug. Dat is haar teken! Langzaam klimt ze de treden van het podium op. Ze ziet de omgedraaide stoelen en ze voelt de ogen van het publiek. 

 Met knikkende knieën loopt ze naar de microfoon. Ze voelt het zweet in haar handen staan als ze de microfoon vastpakt. Op dat moment zet de band in. Opeens is ze op haar gemak. Ze begint te zingen. Ze hoort of ziet niets meer, maar ze zingt de longen uit haar lijf. Pas als de laatste tonen van het liedje klinken is ze weer zo onzeker. ´Wat als niemand zich omgedraaid heeft?´ Voorzichtig kijkt ze op naar de jury. Helemaal verbaasd kijkt ze recht in hun lachende gezichten. ´Hallo´ zegt een jurylid. ´Wat is jouw naam en hoe oud ben je?´ Zachtjes verlegen antwoord ze: ´Bo, ik ben dertien.´ Een man springt op uit zijn jurystoel. ´Dertien jaar oud en zo’n stem hebben! Bo, je moet in mijn team komen!´ Nu beginnen de andere juryleden ook te roepen. ´Moet ik kiezen?´ vraagt Bo voorzichtig. Vier hoofden knikken ja. Ze bekijkt alle juryleden nog eens goed. Verlegen wijst ze naar de man die zo enthousiast over haar was. Alle andere zakken teleurgesteld terug in hun stoelen. De man springt op, rent naar het podium en tilt haar de lucht in. 

In een soort waas loopt Bo later het podium af. Onderaan een lange trap staan Amber en Claire, haar beste vriendinnen, haar broer Pepijn, haar zus Sophie en haar moeder met haar babybroertje Lars op haar arm. Met luid gejuich wordt ze ontvangen. Ze hoort alle complimentjes wel, maar met haar hoofd is ze totaal ergens anders. 

Drie weken later 

Bo staat vrolijk op. Tevreden kijkt ze naar de trofee naast haar bed. ´Gisteravond heb ik The Voice of Holland gewonnen´ zegt ze hardop ´ Dat kunnen niet veel mensen zeggen.´ Ze opent haar gordijnen. Meteen wordt ze verblindt door felle flitsende lichten. Gauw trekt ze haar gordijnen weer dicht, nog duizelig van de lichten. Op dat moment stormt Sophie haar kamer binnen. ´Gordijnen dicht houden, Bo! Er zitten wel tien fotografen in de tuin.´ Bo mompelt: ´Had je dat niet wat eerder kunnen zeggen.´ Sophie gilt: ´Je moet je snel aankleden, Niels zit al beneden!´ Bo kreunt. Ze heeft nu geen zin in haar manager. Toch loopt ze even later zuchtend de trap af.  

Met open mond kijkt Bo staart Bo voor zich uit. Wat Niels het afgelopen uur verteld heeft valt niet te bevatten. ´Bo, kijk eens wat vrolijker! Je wordt beroemd´roept Pepijn. ´Je moet haar voortaan bij haar artiestennaam noemen´zegt Sophie. Opeens staat Bo op en rent naar boven. Op haar kamer kijkt ze met rode ogen in de spiegel. ´Ik wil niet beroemd worden!´ gilt ze tegen zichzelf. Hardop zegt ze haar hele naam: ´Bo-Fleur Amalia van Doornstra.´ Ze kijkt nog een keertje. ´Nee!´ zegt ze. ´Ik ben Megan, een popster.´ Niels heeft die naam bedacht. ´Ik ben supergoed en helemaal niet verlegen!´ zegt Bo wel drie keer. Ze pakt haar schooltas in en trekt haar mooiste kleren aan, op het laatste moment grijpt ze haar buskaart van haar bureau. ´Oh nee, laat maar´ Van Niels mag ik niet meer met de bus. Gauw rent ze de trap af. Op de middelste etage roept haar moeder vanuit de slaapkamer: ´Bo, eh…ik bedoel Megan. Breng jij Lars even naar de crèche?´ Met haar liefste gezicht kijkt Bo Sophie aan. ´Oké´ zegt Sophie. Bo geeft de baby aan haar en racet de trap af. Ze ziet Pepijn zijn scooter uit de schuur pakken. Ze rent de hal in. Ze heeft een coole broek aan met stoere laarzen. Ze graait Sophie`s mooie leren motorjasje van de kapstok en propt haar haar onder haar zwarte helm. Pepijn staat buiten al te wachten. ´Wat een mazzel dat Pepijn al zeventien is en op dezelfde school zit als ik´denkt ze tevreden. Als ze achterom kijkt ziet ze Sophie wegfietsen. Sophie is pas vijftien en mag dus geen scooter en aangezien Bo Pepijn’s lievelingetje is moet ze alles op de fiets doen. 

Bij school aangekomen is het een grote drukte. ´Oh nee´ kreunt Bo. Op het schoolplein staan heel veel journalisten. Gelukkig komt de directeur naar buiten om haar door de achteringang naar binnen te laten gaan. Binnen komt iedereen op haar af om te feliciteren of een handtekening te vragen. Zelfs mensen die haar nooit zagen staan hebben nu wel interesse in haar. Na veel bedankjes en drie lege vullingen komt ze eindelijk bij haar kluisje waar Claire en Amber al staan te wachten om haar het lokaal in te helpen. Als de klas eindelijk klaar is over Bo kan ze gerust ademhalen. Ze slaakt een diepe zucht. ´Bo, blijf je er even bij?´ vraagt de leraar. Meteen roept de hele klas: ´Ze heet geen Bo, maar Megan.´ Bo zelf kijkt verbaasd en denkt: ´Natuurlijk, ik heet Megan, even vergeten.´ De hele dag, de hele week, de hele maand speelt ze Megan, die veel zelfvertrouwen heeft, die altijd cool is, die brutaal en stoer is, die zelfs een paar sterallures heeft. Maar diep van binnen is ze nog steeds onzeker en wil ze gewoon normaal zijn.

Een maand later 

Thuis ligt Bo uitgeteld op de bank. Ze heeft meer dan vijfhonderd handtekeningen uitgedeeld, wel tien keer moeten zingen en duizend handjes moeten schudden. Uiteindelijk is ze huilend van vermoeidheid naar huis gevlucht. Die nacht slaapt ze heel erg diep. De volgende ochtend zitten de fotografen weer in de tuin, om gek van te worden. Ze belt Claire en Amber op. ´Ik kan er even niet meer tegen, ik wil iets leuks gaan doen met zijn drieën.´ Claire zegt: ´Van het geld wat jij per optreden verdient kan je een discotheek kopen, geniet ervan!´ Amber zegt: ´Als je na een maand nog steeds niet kan wennen aan het leven als een popster is het misschien niet voor jou weggelegd.´ Na dit gesprek weet Bo wat ze wil. Megan die zij de hele maand heeft gespeeld blijft voor altijd. Bo bestaat niet meer. 

´Wat was dat stom van mij zeg´zegt Bo tegen de journalist. Het jonge meisje schrijft alles op. Bo drijft op een luchtkussen in het midden van haar zwembad. ´Megan was voor mij een beter persoon. Dat is natuurlijk verkeerd afgelopen. Het artiestenleven en het constant toneelspelen putte me uit. Ik was zo ontzettend moe dat ik op een dag, tijdens een optreden flauwviel. Ik heb wel een week in het ziekenhuis gelegen. Daarna besefte ik dat wat ik deed verkeerd was.´

Bo’s schitterde bruine haren vallen prachtig, ze glimlacht. Een rij perfect hagelwitte tanden komt tevoorschijn. Haar grote blauwe ogen glinsteren. Ze frummelt aan haar zilveren bikini en vertelt verder: ´Ik ben zo dom geweest. Ik ben vanaf toen goede doelen gaan steunen en ik heb genoten van mijn luxe leven. Ik deed ook niets meer tegen mijn zin in. Het was voor mij weer helemaal perfect.´ De gigantische villa staat achter het zwembad, de journalist neemt foto’s. Bo heeft een kleurige cocktail in haar hand en zegt: ´En moet je nu eens kijken, pas achttien jaar en ik heb het dik voor mekaar.´ Ze lacht. Stralend zegt ze: ´Mijn leven is compleet en iedereen vindt mij nu veel leuker. Ik ben zoals ik ben, dat kan niemand mij afnemen. Ik ben gewoon Bo!´

 

Het verhaal van Amine – winnaar groep 7 – Yunus Umre basisschool

20 jun

EENZAAM

Uitbrander 

Mark loopt met zijn vriend Willem om 1 uur s’`nachts buiten.

Top , dat feestje bij wilco hé zegt Willem tegen mark het was echt lekker tussen al die muzieknummer`s en al die meiden hé !?

Begin je weer over meiden zegt mark lachend de laatste tijd heb jij het alleen over meisjes je bent pas 15 jaar oud.

Kom op meisjes zijn wel oké? Ik bedoel vooral Charlotte of niet soms geeft toe ze heeft veel extraatjes? Zegt Willem lachend.

Ik doe daar niet aan zegt mark spottend en of tenminste ik moet deze kant uit, ik zie je morgen bij mijnheer van Kolders (aardrijkskunde)

Waarom zo beleefd zegt Willem ik zou gewoon mijnheer van mocholders zeggen.

Zeg dat maar voor zijn neus zegt mark lachend yo zie je morgen. 

Mark is blijven zitten inde eerste, maar het is hem toch gelukt om in de derde te komen zitten.

Mik is eigenlijk de vriend van mark, maar mik is steeds bezig met zijn activiteiten.

Kickboksen, voetballen, hardlopen en judoën en de vader van mik is zakenman en de moeder van mik is ingenieur van daar al dat geld.

Integendeel mark`s vader is pas ontslagen uit het schoonmaak bedrijf Blink,

En mark`s moeder werkt in het ziekenhuis als schoonmaakster voor alle apparatuur in het ziekenhuis,

Maar toch is er nooit veel extraatjes over van het inkomen van mark`s moeder.

En Mark kent Willem net, maar omdat er bij Willem het geld ook niet op de rug groeit vind mark dat zij bijna het zelfde zijn, vandaar. 

Mark loopt het tuintje van hun gezin binnen ploert zijn fiets neer en loopt het huis binnen.

Waar ben jij geweest vraagt zijn vader boos je weet dat ik liever niet heb dat je alleen op straat loopt!!

Ik was niet alleen, ik liep met Willem op straaa….

Maar vader liet hem niet uitpraten en roept wacht even voor alle duidelijkheid jij liep uit een feestje om 1uur s`nacht, maar dat kan ik me nog wel voorstellen van jou maar naast die Willem die vorige jaar nog is geschorst vanwege grootte bek tegen een leraar, diefstal (heeft een telefoontje gestolen) en daar loop jij mee op straat.

Maar hij heeft toch zijn excuus aangeboden! Schreeuwt mark woedend.

Dat boeit mij niet wat hij doet, straks zit jij ook aan de heroïne, cocaïne of aan de XTC pillen, dat jij dat niet onder ogen ziet, maar ik weet daar wel raad mee:

twee maanden huisarrest

Geen contact met je vrienden

Maar stottert mark, geen ge maar naar boven !!!!

Mark rent naar boven en knalt de deur dicht, klabam !!!

Problemen 

Mark trapt s`morgens op zijn fietst kei hard naar school, hij had het kunnen weten dat zijn moeder zo moe is van gisteren hard werken in het ziekenhuis, maar ja hij had het wel kunnen weten zo gaat het al en tijdje, als ik ingenieur wil worden moet zo doorgaan.

Ha, ik ben nog op tijd zijn vrienden sta nog op het plein (onder andere : Wim,Lies,Mik,kim,Willem)

Hij gooit zijn fiets in de fiets stalling, dat ding is toch oud waarom zou ik er moeite voor doen.`k rijg toch een nieuwe zegt hij nonchalant en rent naar zijn vrienden,

Yo Wim! Krijg ik die link nog van je? Vraagt mark,

Nee man, mag niet van mijn vader zegt hij.

Horen jullie dat gilt mark, hij luistert naar zijn vader wat een kleuter de andere lachen,Willem gilt: lief vaderszoontje.

Lachen jullie maar schreeuwt Wim boos, momenteel is iedereen op het plein stil.

Jouw moeder zit ergens de vloer te schrobben en jouw vader zit werkloos te zuipen voor de tv.

Willem lacht met een raar lachje als of hij heel graag ruzie wil opsteken, als het ware het lopend vuurtje.

Hoe weet jij dat zegt mark kil.

Nou laat ik maar eerlijk zijn mijn vader heeft alle touwtjes in handenbij 8 bedrijven van Blink en hij heeft er voor gezorgd dat jouw vader zuipend achter de tv zit zegt Wim met een gemeen lachje.

Ik zal je… , maar Wim liet hem niet uitpraten wat zal je, je vader is al ontslagen,

Maar het begint mark geeft hem een uithaal en een schop in zijn kruis (de mannelijke juwelen) aauuuuu !!!!!!!!!!!!!!!!Gilt Wim. En Wim wil net uithalen maar hij en mark worden bij hun kraag gepakt door de rector, meekomen roept hij en iedereen naar binnen.

Loser sist mark, maar de rector hoort het en zegt o ja joh vechten en schelden tegelijk en dat allemaal tegen mij een maandje langer nablijven of weet wat, je word voor en weekje maar geschort, je ouders worden zeker op de hoogte gesteld en Wim jij blijft een weekje na.

Maar meneee…. probeert Wim en nu monden op slot anders verdubbel ik het zegt de rector uit woede.

Oo god denkt mark voor hij naar binnen loopt.

Het gesprek 

Wat was dat nou op school schreeuwt vader.

Oo gos hou gewoon je mond dicht fluistert mark nou dan mag je dit maandje rot klusjes doen.

Rot kind zo gaat het altijd bij jou schreeuwt vader.

Kan ik er wat aan doen dat jij werkloos bent

Oo oo sorry is het mijn schuld dat jij je zo gedraagt ?!

Nee joh ! hij irriteerde mij, hij zei mijn vader heeft er voor gezorgd dat jou vader werkloos zuipend achter de tv zit.

Wat boeit jou dat schreeuwt vader woedend.

Alles! Schreeuwt mark woest en hij rent naar boven.

Waarom heeft hij nooit begrip voor mij zegt mark boos in zijn kamer.

Ik kijk even op internet of er iets valt te beleven,en zo zit hij achter de chatbox  hij meld zich aan en ziet een paar gasten , die willen het hebben over schaken, nerd`s, andere willen het hebben over auto`s saai nou dan ga ik maaa plotseling  ziet hij een plaatje van een vaag onbekend iemand met er onder :

Heb je problemen, pak er een microfoon bij en we praten het uit.

Tja waarom niet ik val onder die categorie  met werkloze / zuipende vader waarom niet denkt mark bij zich zelf .

 Hallo, hallo is er iemand aan de lijn? Zegt mark.

Hallo, zegt een piepstemmetje ik heb mijn stem een beetje verdraaid want ik wil anoniem blijven dat geld ook voor mijn naam en foto je weet nooit wie je kunt vertrouwen.

Hij heeft gelijk omdat hij zo voorzichtig is dus misschien valt hij te  vertrouwen waarom niet ik maak gewoon een afspraak met hem morgen op de computer.

Ik wil je morgen 5 uur spreken op de pc doei en mark verbreekt de verbinding,

En werpt een blik op zijn huiswerk aan de slag dan maar zegt mark moeizaam. 

Logboek:

Ik heb een nieuw kuiken aan de lijn, ik probeer zijn vertrouwen te winnen en neem hem later met Joe en zijn club te pakken ( probeer afspraak te maken en vertrouwen te winnen. 

Indringer 

Mark is vandaag helemaal niet bij de les want  het gesprek van gisteren dwaalt door zijn hoofd ,met die anonieme gozer

Toch heeft hij vreemd gevoel van dat hij het niet moet doen want mensen op de computert zijn niet te vertrouwen,

Maar aan de andere kant heb ik zoiets van hij was heel voorzichtig mat zijn naam en zijn afkomst misschien moet gewoon  een afspraak maken en kijken wie hij is, ik vraag hem of hij een vriend meeneemt en ik ook.

En pa hoeft er niets van te weten die bemoeit zich toch met alles. 

Meneer mark grauwhoven wilt u even vertellen wat net heb gezegd u kunt nu naar voren komen.

Ik wist niet wat ik zeggen moest en toen begon iedereen te lachen.

Zo nu heb je een blik op mijn middag.   

Mark komt thuis binnen en pakt een colaflesje en drinkt het geheel leeg en propt er wat chip`s achter na en neemt wat drop.

Waarom hij zo eet ? dat komt doordat zijn vader er vandaag niet is en zijn moeder werkt  ik heb haar al een week niet gezien.

Vandaag voelt mark zich niet zo goed en hij heeft het  gevoel dat er iemand binnen is, maar oké hij loopt verder naar de badkamer en pakt wat deodorant.

Maar nu word het gevoel groter en ja hij draait zich om maar hij is te laat en een vuistslag treft zijn kaak en vliegt naar achter hij is duizelig maar hij ziet iemand in het zwart weer een vuist treft hem maar hij ontwijkt hem, hij staat op en pakt gauw de bezem en geeft hem een mep en een schop er achteraan en geeft er 2  vuisten bij.

En de man in het zwart vliegt weg op de grond bij de bad kuip, boem ! de man ligt bewusteloos op de grond of is het een jongen ?!

Hij draait zich om zijn gezicht wassen maar plotseling draait hij terug of de jongen er nog ligt, maar tot zijn grootste verbazing is het raam wijd open en is de jongen weg, hij kijkt uit het raam maar dat kan toch niet wij wonen  2 hoog?!

Laat ik maar wat opruimen voor pa en ma weer gaan zeuren. 

Logboek:

Kuiken is sterker dan hij lijkt ,gelukkig kon ik  een uitweg  vinden en vluchten ik de nu rustig aan met kuiken ,ik vraag de Joe`s club  hulp. 

Spanning 

 Mark doet heel rustig en langzaam vooral rustig zijn kleren aan (10 s`avonds)

Hij heeft zo iets van wat boeit het hem dat zijn vader het niet wil voor zijn part kan zijn pa weg rotten en zijn ma kent hij niet.

hij loopt voorzichtig naar beneden en neemt zijn fiets mee het is heel donker en hij heeft een gevoel dat iets hem begluurt zoals de vorige keer in de badkamer.

Hij loopt langs de bad kamer en ziet dat het een rommel is voor de deur hoe kom ik daar langs denkt hij laat ik het proberen.

Hij trap rustig op de plekjes waar niet veel rommel.

Zijn vader was gister zeker dronken. Hij slaagt erin buiten te komen zonder veel herrie.

Hij pakt zijn fiets en fietst weg.

Na een tijdje merkt hij dat hij wordt achtervolg door een gast die op zijn fiets aan de overkant rijd, of hij gaat toevallig weg dat kan ook.

Maar het is echt stil wat doet hij hier eigenlijk zo laat en het is te stil meestal is het heel druk dat valt nu wel vies tegen.

Hij raast weg de straten door zet zijn fiets op slot en loopt naar de achter kant van het pakhuis.

Het is wel heel stil het gevoel word groter dat iemand hem besluipt.

Hallo, roept mark is hier iemand. In het donker verschijnen 8 personen ja hoor een heleboel,

Wat hij toen zag was onmenselijk een paar hebben messen eentje met de schele stem met wie hij vaak praat en chat die ene gozer heeft een pistool en de andere met een stok. “Oo was ik hier maar nooit begonnen dacht mark.

Er zijn nou domme mensen op de wereld zegt de schele en de andere lachen,

Wat willen jullie van mij stamelt mark

 Ten eerst lever alles in wat je hebt.

Oké zegt mark en levert zijn portemonnee in met 20 euro zakgeld en zijn mobiel en zijn fiets sleutels.

En nu gaan wij jou wat zeggen jij trapt deze deur van het pakhuis binnen en zo pakt zo veel messen als je kunt want er is een lading op geslagen en als je dat niet doet vraag ik dit mes door jou hoofd  te steken.

Ma…..ma……rrrr  ……jjj……e  weet dat het een beveiliging heeft.

Daarom `vraag` sorry ik bedoel`beveel` ik het jou te doen lachen de andere.

Mark beseft dat hij  niks te verliezen heeft noch zijn leven.

Hij rent gewoon weg zodra hij ze een beetje zijn afgeleid maar hoe?

Fout 

De spanning hing in de lucht wat moest hij doen de criminelen wereld in of gewoon wegrennen wat heel makkelijke klinkt.

Hij dacht eens want hij heeft toch niks te verliezen zijn ouders die niks omhem geven, mark krijgt een idee.

Mark zegt kijk een meneer met een stok een paar kijken naar achter

Maar hij was te laat de schele keek niet en had het door en schoot met zijn pistool.

Proesh proesh eentje was mis maar de ander was toch echt raak precies in ruggenmerg.

aaiii gilt mark hij voelt dat hij langzaam koud word en haalt moeilijker adem van de pijn.

Hij hoort nog dat de andere tegen elkaar gillen en weg hollen,daarna ligt hij bewusteloos op de grond………… 

Oh wat is er toch gebeurd waar lig ik nou …………, jooooppppp hij is wakker zegt moeder met rode ogen.

god zij dank zegt vader grimmig.

 waar ben ik denkt mark hij wil opstaan maar het lukt hem niet, sterker nog hij kan niks bewegen.

 ma wat is er met me gebeurt zegt hij tegen zijn moeder naast hem want hij begrijpt dat hij in het ziekenhuis zit.

Nou ik zal je het zeggen dat je bewusteloos je lag op de grond bij het pakhuis.

 toen ene Karel Schotse een werknemer in het pakhuis je zag op de grond, bracht hij je zo snel mogelijk naar het ziekenhuis.

De dokter heeft de kogel verwijderd maar hij had goed en slecht nieuws.

Begin met het goede nieuws zegt mark zwakjes.

 nou de dokter zei vertelt moeder dat de operatie goed is verlopen en dat er bijna  niets is beschadigd behalve je ruggenmerg dus kun je zelf niet meer bewegen.

Maar hij zei met veel therapie kun je het later een beetje bij beetje bewegen.

Maar het ergste mark is nog wel dat je om 10 uur weg was waar slaat dat op ik dacht dat je vertrouwen was maar dat valt vies tegen.

Knoop het in je oren ik ben erg teleurgesteld maar ik moet gaan het bezoek uur is om en ik moet ook werken.

Net voordat moeder de deur dicht slaat begint het, mark voelt zich zwakjes begint te trillen en ademt moeilijk en hij word langzaam rood en zo ………….

Dacht hij opeens had ik maar naar mijn ouders geluisterd !!!!!!!! 

Sneue radio bericht 

….dames en heren ado denhaag scoorde hoog misschien behalen ze de top.

En nu moeten we door naar een triest nieuwtje een jongen is gister avond gestorven in het ziekenhuis.

Hij  werd door ene k. Schotse medewerker uit het pakhuis naar het ziekenhuis gebracht.

 Hij werd geraakt door kogels rond half elf s avonds. De politie heeft een hoop vraag tekens wat betreft de jongen

De dokters hadden gehoopt dat hij bleef leven.

Maar later bleek dat er een infectie is opgetreden waaraan hij is overleden.

Maar stiekem werd dit opgenomen wat de vader heeft gezegd: 

                              Dat werd tijd  

De politie vermoed dat hij problemen had maar veel bewijs werd er niet gevonden en dit was het` showtje in huis radio nieuws bericht voor vandaag……. 

Nawoord 

Ik vond het leuk om een verhaaltje te schrijven over internetproblemen.

Dat je niemand moet vertrouwen

Geen afspraken maken

Toestemming aan je ouders vragen

Dat zijn de belangrijkste dingen die er zijn.

Misschien leer je wel wat uit dit verhaal.

Het verhaal van Femke – winnaar groep 6 – Da Costaschool

20 jun

Het spookpaard en het kristal

Het was avond, Annemiek moest naar bed. Ze ging nog even naar buiten om haar pony welterusten te zeggen.  Annemiek kom je? Je moet naar bed zei haar moeder. Ze liep de trap op, en zei halverwege de trap tot morgen mammie.  Ze dook in haar bed, en kroop onder haar deken. En viel meteen in een diepe slaap. Opeens werd ze midden in de nacht wakker van een geroffel in de struiken. Ze liep stilletjes naar beneden, en trok haar jas aan. En liep  naar buiten, naar de struiken en liep er naartoe met bevende benen. Opeens zag ze een spookpaard ze wou gillen, maar er kwam geen geluid uit haar keel! Ze wou weer naar binnen. BOEM!!! De deur ging met een klap dicht. Toen ging het ook nog regenen. Ze holde naar Spikkel die haar met, grote bange ogen haar aankeek. Toen rende het spookpaard weg, van een groot spookleger. Annemiek sprong op de rug van Spikkel. En galoppeerde met Annemiek er op het bos in. Vlak voor haar was het spookpaard, en vlak achter haar was het spookleger. Spikkel kom we gaan nu in turbo galop. Toen ze eindelijk vrij waren. Sprong ze van Spikkel, en liep voorzichtig naar het spookpaard. Hij bleef rustig, totdat er iets raars gebeurde. Het spookpaard praten! Annemiek rende bang naar haar pony. Wees niet bang Annemiek, ik doe je niets echt niet zei Annemiek met een piepend stemmetje. Je bent in een wereld die niet gewoon is, waar ben ik dan nu? vroeg Annemiek. In een bos vol magie zei het spookpaard en je moet opdrachten doen vind het kristal zei ze, maar ze was al weg. Even later zat ze niet meer te mompelen ,en sprong op de rug van Spikkel. Kom op Spikkel we moeten het kristal vinden. Plots viel er een kaart uit de lucht,Annemiek kon hem net pakken. Het was geen gewone kaart maar een schatkaart. Hij wees de weg naar….. het kristal! Maar ze moest wel super enge opdrachten doen ,  o nee! Spikkel kijk we moeten over het krokodillenmeer zij Annemiek met een bibberende stem . maar we moeten het doen.
Na een enkele seconde,galoppeerde Spikkel en Annemiek over het koude pad. Toen ze eindelijk bij het meer waren. Zagen ze gelukkig een brug,maar er waren ook veel krokodillen snel galoppeerde ze over de brug. Maar plots schoot er een plankje los,Annemiek hield zich goed vast. Gelukkig waren ze veilig aan de overkant gekomen. Annemiek keek weer op de kaart o nee wat nu weer ,we moeten door het donkere bos zij Annemiek. Toen ze bij de ingang van het bos waren, zagen ze het spookpaard staan,kom op Annemiek ga! riep het spookpaard. Annemiek en Spikkel gingen voorzichtig het bos in. Spikkel zat de hele tijd zijn oren te draaien. Hij  hoorde iets. Toen hoorde Annemiek het ook het waren BEREN!!! Annemiek spoorde Spikkel  aan om in galop te gaan, gelukkig deed hij dat uit zich zelf. En er was een beer achter hen aan. Gelukkig waren ze snel het bos uit, opeens hoorde ze een stem uit de luchtAnnemiek kom op ga naar de een a laatste zij het spookpaard, ga naar het verlaten dorp,en de laatste opdracht is het kristal te pakken,van  het kasteel,en daarna ja en daarna? zij Annemiek. Maar ze was al weg. oké,kom Spikkel we gaan naar het verlaten dorp. Het was donker,en vochtig daar,en allemaal skeletten. Al snel waren ze bij het kasteel ,van de spoken. Je hoorde allemaal nare geluiden. Plots zag Annemiek dat ze het spookpaard hadden gevangen. Annemiek! Help me,Annemiek kon geen seconde stil staan,en galoppeerde naar het spookpaard. Plots hoorde ze aaaa! o nee Spikkel we moeten sneller nu!, en in volle galop gingen ze het kasteel binnen. Toen kwamen er allemaal gewapende mannen naar haar toe. Ze sprong van de rug van Spikkel en pakte een zwaard. Ze zwaaide er mee en alle spoken gingen bang opzij. Ze nam Spikkel mee,en toen riep een spook aanvallen! Er kwamen van alle kanten spoken aan,van die schrik viel het zwaard uit Annemiek haar hand. Ze wou hem pakken,maar toen ze er net voor stond,stond ze voor een verschrikkelijk monster! Annemiek rende naar Spikkel,en sprong er op. En galoppeerde het kasteel binnen. Het was een laag kasteel,dus ze moest bukken. Al snel was ze bij de kerkers,het was daar donker maar ze kon nog wel zien. Toen zag ze het spookpaard staan. Ze griste de sleutels van de bewaker uit zijn handen,en probeerde het slot open te krijgen. Annemiek haal eerst het kristal,dan ben ik pas vrij zij het spookpaard. Waarom vroeg Annemiek,dat zul je nog wel zien,en ga weg de bewaker is achter je! Ze gooide de sleutels op de grond. En rende naar de grote zaal,waar het kristal lag. Ze kon haar ogen niet geloven. Toen kwam de baas van de spoken de zaal binnen,en het eerste wat hij zij was wachters gooi haar in de kerker!nee koning dat kunt u niet laten. Toen viel de mond van de koning open en zij verbaast wie is dat paard Spikkel meneer zij Annemiek wachters pak dat lelijke paard ook. In de kerker was het koud een vochtig. O Spikkel ik wil naar huis. Toen liep de wachter langs,en liet perrongeluk de sleutels van de kerker vallen. Annemiek pakte de sleutels heel voorzichtig. En probeerde het slot open te krijgen. Ze slopen heel voorzichtig naar de zaal. Gelukkig sliep de koning. Ze pakte het kristal en sloop,en sloop weer terug naar de kerker. Om het kristal aan het spookpaard te geven. Het spookpaard reageerde blij, en zei eindelijk ben ik weer vrij, ik krijg weer vleugels en ben weer een eenhoorn! En met flaperende vleugels vloog ze weg. Zo Spikkel we hebben een mooi klusje gedaan!….. Annemiek!wakker worden je moet allang op school zijn. En waarom lig je hier?uhm ik weet niet zij Annemiek. Annemiek zag jij daar ook iets wits?                                         

Uitslag schrijfwedstrijd

15 jun

Afgelopen maanden hebben wij ruim 70 inzendingen mogen ontvangen. Wat een schrijftalent loopt er rond in Den Haag! Sommige verhalen waren grappig, andere verhalen heel eng.. en regelmatig hebben we hardop gelachen om jullie humor.

Helaas kan niet iedereen winnen… De jury heeft het dan ook heel moeilijk gehad, maar de winnaars zijn:

Groep 6
Femke – Het spookpaard en het kristal
Natasza – Vermist
Wim – Villa Vondel

Groep 7
Amine – Eenzaam
Christiaan – De voetbalkoning
Jonna – Het kettinkje

Groep 8
Julia – Ik ben gewoon Bo
Nina – De slechterik
Anna – Voetbal/KNVB

En dé hoofdprijs is gewonnen door: Eddy Bal – Wedstrijdje

De tien troostprijzen gaan tot slot naar:
Jorre, Talysa, Vanja Verbrugge, Eveline Hooft, Roosmarijn Cloosterman, Teun Hamelink, Lunet van den Brand, Marcia Kester, Mouna Ben Abdelkader, Iris Pronk

Van harte gefeliciteerd!!

De prijswinnaars zijn inmiddels telefonisch of per mail benaderd. We zien jullie graag op 20 juni.

Follow

Get every new post delivered to your Inbox.